29-07-2015

Strangerland



Angstige muziek en vreemde geluiden klinken in een stoffig dorpje in Australië waar niemand voor z'n lol woont. Ook Matthew en Catherine niet. Wanneer blijkt dat hun twee kinderen vermist zijn, wordt de situatie pas echt penibel.


We kunnen wel spreken van een disfunctioneel gezin. Vader en moeder slapen apart, dochterlief meestal niet en zoonlief loopt 's nachts door te straten te slenteren met een tak in z'n hand. Niet bepaald een standaard gezinssituatie. En dan lopen de twee kids ook nog weg. Of worden ze ontvoerd?

Rechercheur Rae (Hugo Weaving) wordt op de zaak gezet. Matthew hekelt de rechercheur en de hele situatie. Ze zijn net verhuisd, omdat dochter Lily al eerder een schandaal heeft veroorzaakt. De geschiedenis lijkt zich te herhalen.


Debuterend Regisseur Kim Farrant beschikt over een topcast. Nicole Kidman zet haar gebruikelijke verschrikte blik op in dit soort film (The Others, Stoker) en zucht zich een slag in de rondte, maar speelt sterk. Hugo Weaving als rechercheur is aimabel. Alleen Joseph Fiennes portretteert Matthew wat tam en introvert, waardoor hij wat afwezig blijft.

Strangerland doet haar naam steeds meer eer aan. Mysterieuze inheemse goden worden in de film verwerkt, de dorpsgenoten beginnen steeds vreemder gedrag te vertonen en 's nachts komen er telefoontjes binnen aan het adres van de Parker's met een hijgende stem. De film switcht elke tien minuten van genre en als kijker raak je ook spoorloos.


De film ontspoort echter wel door middel van krachtige beelden. De rauwe woestijn van Australië en prachtige shots van de natuurelementen geven de kijker wel een idee van wat dit had moeten worden. Een rauw familiedrama omtrent missende kinderen. Overtuigend is het echter nooit. Seks en bizarre scènes nemen in rap tempo toe. Wanneer Catherine in de kleren van haar dochter probeert een van haar dochters minnaars te versieren ben ik er wel klaar mee. Dit gaat nergens meer over.


27-07-2015

Mr. Holmes



Sherlock Holmes is nog altijd een grote inspiratiebron voor film- en seriemakers. Wat Mr. Holmes echter onderscheid van de meeste andere films is het stadium waarin Sherlock Holmes wordt geportretteerd: oud, fragiel en vergeetachtig.


Het is 1947, Mr. Holmes is 93 jaar en heeft zich afgezonderd op een boerderij in Sussex. Ook aanwezig zijn huishoudster Mrs. Rundo en haar zoontje Roger. De reden van Holmes' kluizenaarsbestaan wordt al snel duidelijk: ballingschap.

Hoe dit zo gekomen is weet Sherlock niet meer. Het heeft in ieder geval te maken met zijn allerlaatste zaak, zo'n 35 jaar geleden. Zijn geheugen is de laatste jaren hard achteruit gegaan. Lastig, voor iemand die zich louter en alleen door feiten en logica laat leiden. Holmes probeert echter via koninginnengelei, Chinese peper en het schrijven van een verhaal zijn laatste zaak te reconstrueren en wordt daarbij geholpen door de jonge Roger.


Sherlock Holmes is ook op z'n oude dag nog excentriek. Hij ontkracht stereotype beschrijvingen over Sherlock Holmes, zoals de pijp en de pet. Nog wel aanwezig zijn niet al te optimale communicatieve vaardigheden: de gesprekken tussen Mr. Holmes en Mrs. Munro komen altijd een tikkeltje ongemakkelijk over. Mrs. Munro (Laura Linney) heeft haar man verloren in de oorlog. Zoonlief Roger (Milo Parker) ziet in Sherlock een vaderfiguur, tot groot verdriet van zijn moeder, die zich geen raad weet met de nieuwe situatie.

Ian McKellen, die de meesten tegenwoordig zullen kennen als Gandalf, is ook nu weer te vinden in de Hobbitgroene weiden van Sussex en speelt een fantastische hoofdrol. Zijn gepuf en gesteun doet soms wat denken aan de tovenaar, evenals de chemie die hij heeft met jonge acteurs. Elk moment met Roger is hartverwarmend. Samen ontrafelen ze langzaam het mysterie van Holmes' laatste zaak, terwijl deze zich in flashbacks afspeelt.


Mr. Holmes is een fijne film, want naast een goed verhaal kent de film tevens prachtige cinematografie. De vele stijlvolle composities van het Britse platteland in combinatie met een originele insteek maakt deze film absoluut de moeite waard.

Dior And I



Dior en ik hebben weinig met elkaar. Dior And I verandert weinig aan de zaak, maar is wel een interessant kijkje in de keuken van modehuis Dior. 

Documaker Frédéric Tscheng heeft een mooie invalshoek voor z'n documentaire, want Dior heeft net een nieuwe ontwerper aangesteld. De Belg Raf Simons gaat aan de slag bij het Franse modehuis en moet binnen twee maanden een haute couture collectie maken. Niet alleen is het Rafs eerste haute couture ervaring, ook staan er normaal gesproken vier tot zes maanden voor het ontwerpen van een hele collectie.


De tijdsdruk is er, een beroemd merk ook, en een situatie die je niet vaak ziet, namelijk het creëren van een modecollectie. Als documaker ben je al op de helft. Daarover, misschien wel. Tel daarbij nog de rest van het kleurrijke personeel van Dior en je docu kan bijna niet meer misgaan, toch?

Een voice-over verzorgt stukken tekst uit memoires van Christian Dior, ogenschijnlijk om wat historisch besef bij de kijker te creëren. Ondertussen wordt archiefmateriaal geprojecteerd op witte jurken. Een aardig idee - de parallellen tussen Raf Simons en Christian Dior worden zo duidelijk.


Dior-medewerkers roepen warme gevoelens op door te vertellen over hun jeugd, hun eerste jaren bij Dior of wijlen Christian zelf. Het reilen en zeilen binnen zo'n groot merk als Dior maakt de documentaire wel de moeite waard. Het modehuis Dior leeft en krijgt hierdoor een ziel. Zelfs de geest van Christian Dior zou nog door de ateliers dwalen.

Raf Simons zelf komt echter nauwelijks tot leven. Hij wil niet gefotografeerd worden en het is een wonder dat hij zich twee maanden lang heeft laten volgen door een  camerateam. De ontwerper straalt autoriteit en authenticiteit uit in het atelier, maar tijdens close-ups verkrampt de persoon Raf Simons. Dior And I toont zodoende ongemakkelijke, zenuwachtige beelden van een man die voor het publiek een mysterie blijft.

Spike vraagt, wij dragen

Ik vermoedde het al enige tijd, maar tijdens de Vierdaagse viel de beslissing: Spike is een held.

Vijftien jaar geleden kon je dat dus echt niet zeggen. Ik kende hem wel, zoals iedereen, maar hij speelde in Di-Rect. En Di-Rect, daar kon je als jonge versie van mijzelf alleen maar tegen zijn. Dus dat was ik dan ook. Faliekant. Iets met mijn generatie, denk ik. Metallica was het toen. Lekker raggen. Maar de tijden zijn veranderd. Di-Rect maakt met Marcel al weer een tijdje degelijke muziek en nog veel vettere covers, Metallica is zichzelf al niet meer sinds ze op olievaten begonnen te meppen op St. Anger.


Terug naar het heden. In de druilende regen lopen we het Valkhof op. Normaal gesproken een slecht plan op de laatste vrijdag van de Vierdaagse, maar met dit weer prima te doen. Ik heb een dubbeldate met Nieks collega, zo informeert Niek mij als we het terrein op lopen. Verder dan 'Ik heet Carry' en 'Ik Wim' komen we niet. Zij valt op grote gespierde mannen, zo blijkt. Waarschijnlijk met lang haar ook nog, maar dat durft ze niet te vertellen. Bedankt, Niek. Prima match weer.

Er blijkt nog één band te spelen: The Deaf. Nooit van gehoord. Een meisje met rood haar pakt een vreemd gevormde basgitaar op. Ik vind vrouwen die basgitaar spelen altijd wel wat hebben. De zanger loopt het podium op en blijkt eenzelfde vreemd gevormde gitaar te hanteren. Bonuspuntjes voor de stijl.

Zij blijkt Miss Fuzz te heten en die zanger komt ons ook bekend voor. We doen er een liedje of twee over, maar dan weten we het zeker: 'Verrek, het is Spike van Di-Rect.' Spike, de reïncarnatie van Herman Brood. Spike, die een jaar ouder is dan ik, maar veertig lijkt. Spike, wiens lichaam voor 60% uit water, 15% uit bier en 5% uit drugs bestaat.

'Ik wil mensen zien vliegen', schreeuwt Spike. En warempel, mensen vliegen. Heel eventjes, maar toch, om vervolgens door wat handen opgevangen te worden. 'Zullen we haar helemaal naar de geluidstoren brengen?' En ja hoor, een jongedame springt vanaf het podium de menigte in, hoofd richting publiek (pro tip: andersom werkt beter) en wordt netjes naar de geluidstoren gecrowdsurft. Spike vraagt, wij dragen.

Niet alleen Spike zit er lekker in. Het enthousiasme van de hele band is aanstekelijk. De nummers strak, snel en vuig. Miss Fuzz doet wat tweede stemmetjes, soms een lead. De organist stuitert het halve optreden met een tamboerijn over het podium. The Deaf blijkt al acht jaar te bestaan, speelt als een goed geoliede machine en staat als een huis. Ze hebben twee albums gemaakt in acht jaar. 'Wij zijn de luiste en luidste band van Nederland.' Een band naar mijn hart.


26-07-2015

Insurgent



Insurgent sluit direct aan op voorganger Divergent. Four, Tris en haar broer Caleb leven na het origineel in een Amity-gemeenschap waar het Hobbitgehalte nogal hoog is. De aanslag op Jeanine en haar Erudite factie hebben de protagonisten tot rebellen gemaakt. Het duurt niet lang voordat het gebrainwashte Dauntless leger ze komt opjagen.


Jeanine blijk in het bezit van een soort artefact. Een puzzeldoos die alleen door een divergent opengemaakt kan worden. Superhandig natuurlijk. En niemand weet wat erin zit. De jacht op divergents in het algemeen en Tris in het bijzonder wordt geopend en behelst grote delen van de film. We zien daarbij wat andere facties dan in Divergent. Zo komt Candor (eerlijkheid) aan bod en ook de Factionless onder leiding van Evelyn (Naomi Watts) spelen een belangrijke rol.

Insurgent is qua plot een stuk interessanter dan z'n voorganger, waarin het verhaal maar niet op gang kwam. Four is nog altijd Four en kijkt als een seniele hond die een koekje wil, maar Shailene Woodley, Miles Teller, Kate Winslet en Naomi Watts acteren zoals we ondertussen van ze gewend zijn. Prima dus. Soms zelfs uitstekend.


Insurgent moet het vooral van de vrouwen hebben. Misschien dat Four daarom zo slecht is gecast, om dat feministische element nog eens extra aan te dikken. Toch wordt een ouwe slechterik als president Snow wel gemist, evenals een portie humor.

18-07-2015

Phoenix



Een dood gewaande Joodse vrouw overleeft Auschwitz, krijgt gezichtsreconstructie en keert terug naar Berlijn. Daar komt ze haar man tegen, waarvan ze vermoedt dat hij haar heeft verraden.


De oorlog is net voorbij, maar de wonden zijn nog vers. Met name in het gezicht van Nelly, wiens gezicht ernstig is verminkt in Auschwitz. Ze wordt door haar vriendin Lene naar een arts gebracht en ondergaat een gezichtsreconstructie. De arts raadt haar aan een nieuw gezicht te kiezen, dat van een filmster of zo. Maar Nelly wil eruit zien zoals voorheen.

Nelly beweegt krampachtig, praat nauwelijks en heeft een verschrikte blik in haar ogen. Overduidelijk getraumatiseerd baant ze zich een weg door de kliniek en door het eerste stuk van de film. Lene probeert haar over te halen naar Palestina te gaan, omdat de Joden daar een nieuwe staat gaan oprichten. Nelly verlangt echter terug naar haar man, ook al bestaat het vermoeden dat hij haar verraden heeft.

Eenmaal in Berlijn aangekomen ziet Nelly haar man Johnny. Hij herkent haar niet, maar vindt haar wel genoeg lijken op zijn eigen vrouw dat hij meteen een frauduleus plannetje smeedt: Nelly moet doen alsof ze zijn vrouw is en terug komt uit de kampen, zodat de autoriteiten geloven dat ze leeft. Dan kan ze namelijk het fortuin claimen dat ze heeft geërfd, aangezien al haar familie is omgebracht.


Omdat je als kijker niet precies weet hoe Nelly over de zaken denkt, met name omdat ze weinig spreekt, blijft de film intrigeren. De immer ongemakkelijke relatie tussen Nelly en Johnny staat centraal in Phoenix en blijft boeien. Nina Hoss en Ronald Zehrfeld vertolken de hoofdrollen op overtuigende wijze.

Phoenix slaat zowel op Nelly die als het ware uit de dood herrijst, als op de jazzclub waar zij en Johnny voorheen optraden. Midden in de puinhopen van een gebombardeerd Berlijn wagen inwoners en Amerikaanse soldaten zich aan een dansje. De muziek is nog niet gestopt. We horen Johnny en Nelly samen nog eenmaal zingen in de mooiste scène van de film.

11-07-2015

True Story



Een uitgerangeerde journalist ontdekt dat een moordverdachte zijn naam gebruikt en gaat op onderzoek uit. Het resultaat: een rechtszaakthriller met een psychologisch randje zonder verdere bijzonderheden. 


Michael Finkel (Jonah Hill) werkt aan zijn tiende coverstory voor de New York Times, verdraait de waarheid een beetje ten faveure van het verhaal, wordt op het matje geroepen en per direct ontslagen wanneer de feiten niet blijken te kloppen. Dan zijn het overigens geen feiten meer, maar dat terzijde.

In de volgende scène zien we Christian Longo (James Franco) opgepakt worden op verdenking van de moord op zijn vrouw en drie jonge kinderen . Hij is gevlucht naar Mexico en noemt zichzelf Michael Finkel. Toeval of niet, de 'echte' Michael Finkel vindt het een fascinerend gegeven en gaat op onderzoek uit. Hij heeft tenslotte toch niets te doen. Longo stemt in met een reeks interviews in de gevangenis.

Prima premisse voor een film, lijkt me. Een mysterieuze, kalme moordenaar die schijnbaar zonder motief of reden aan het moorden slaat versus een uitgerangeerde journalist die via een geruchtmakende moordzaak zijn comeback wil maken binnen de journalistiek. Spannend is het ook wel, zeker als blijkt dat de twee meer met elkaar gemeen hebben dan aanvankelijk wordt gedacht. Maar meer dan dit wordt het helaas nooit.


True Story is een - jawel - waargebeurd verhaal gebaseerd op het boek dat Michael Finkel schreef na de rechtszaak. De film heeft de waarheid echter in een te hoog vaandel staan, hetgeen ten koste gaat van de film. Muziek moet spanning opleveren in scènes waarin de twee mannen eigenlijk gewoon converseren. Een geforceerde scène tussen Longo en Finkel's vrouw (Felicity Jones) komt uit het niets vallen. Het is nogal de vraag of dit geschikt materiaal is om te verfilmen.

True Story blijkt namelijk meer een 'ordinary story' waarin wat filmtrucjes het publiek moeten belazeren. Op een goede filmmanier dan hè. Maar deze trucjes zoals het suggereren van een groot mysterie en de eventuele verborgen band tussen Finkel en Longo blijken allemaal gebakken lucht. De film bouwt de spanning steeds verder op om te eindigen met een enorme anti-climax.

Taxi Teheran



Op 20 december 2010 werd de Iraanse filmmaker Jafar Panahi veroordeeld tot 6 jaar huisarrest en mocht hij de eerstkomende 20 jaar geen films meer maken. Nu, vijf jaar later, valt z'n tweede film sinds 2010 alweer te bewonderen.


Taxi Teheran is een dag in het schijnbaar normale leven van een taxichauffeur. Alleen, deze taxichauffeur is Jafar Panahi zelf en onder het mom van beveiligingscamera's filmt hij zijn klanten. Of de klanten acteurs zijn blijft even de vraag, zeker wanneer één van de klanten Panahi herkent en suggereert dat hij in het ootje wordt genomen en dat alles in scène is gezet.

In ieder geval voor de gek gehouden wordt de Iraanse overheid. Hun vonnis heeft gelukkig - tenminste vooralsnog - geen invloed gehad op Panahi en op satirische wijze stelt hij de dagelijkse problematiek binnen Teheran/Iran aan de kaak. Onderwerpen als diefstal, filmmaken, censuur en politiek worden in de taxi besproken. Door de klanten, niet door de taxichauffeur zelf. Sterker nog, Panahi lijkt bewust weinig te zeggen en laat stuurt de gesprekken hooguit in een bepaalde richting.


Gedurende de taxirit laat Panahi de kijker in het ongewisse betreffende de realiteit, maar is in ieder geval duidelijk dat het hier een mooie en originele protestfilm betreft. Alle klanten zijn vermakelijk op hun eigen manier, van de dief tot de mensenrechtenactiviste. Teheran blijkt een levendige, bruisende stad. Nog iets moois, een aftiteling ontbreekt. Zo kan het ministerie van islamitische Zaken de klanten niet opsporen.

02-07-2015

Citizenfour



Juni 2013. documentairemaker Laura Poitras reist samen met Glenn Greenwald - journalist bij o.a. The Guardian - naar Hong Kong voor een serie ontmoetingen met Edward Snowden. We zijn getuige van de vele openbaringen over de NSA en Amerikaanse politiek, nog voordat de rest van de wereld het weet.


Citizenfour is de initiële codenaam van Edward Snowden voordat hij zich openbaar maakte en klokken deed luiden over grootschalige spionagepraktijken in 2013. Een tevens toepasselijke titel van de documentaire, omdat deze zich grotendeels afspeelt net voordat de klokkenluider bekend wordt. Snowden gaf later wel sporadisch interviews, maar Citizenfour schetst een prachtig beeld van de man zelf op zijn meest kwetsbare moment, namelijk nog voordat hij weet wat hem allemaal te wachten staat.

Het gros van de film speelt zich af in een lichte hotelkamer in Hong Kong. Op dat moment weet de wereld nog van niets en krijgen Laura en Glenn documenten in handen die een van de grootste schandalen van de afgelopen decennia zullen openbaren. De uitkomst en de publicaties en de commotie die ontstaat, kennen we allemaal, maar dat maakt de gesprekken in de hotelkamer er niet minder interessant op. We zien namelijk Edward Snowden op het moment dat hij voor het eerst de informatie doorspeelt. Zenuwachtig, angstig voor wat er komen gaat, ook al vertelt hij dat hij dat niet is. Snowden is geen goede leugenaar.

Als kijker ben je intensief betrokken bij de interviews. Je leert Snowden kennen als een man die in zijn strijd voor vrijheid en privacy zelf juist dat moet inleveren. Of zijn acties daarna heldendaden zijn of hoogverraad mag je zelf beoordelen, al kiest de film uiteraard de kant van Edward Snowden. Ergens is dat wel prettig, want onlangs het feit dat Snowden ondertussen meerdere interviews heeft gegeven, zijn deze allemaal in retrospect en kijken ze terug op de acties in juni 2013. Citizenfour, en dus ook de kijker, is er nu echter bij, ziet op het eerste gezicht wat de onthullingen met zowel de wereld als Snowden doen, hetgeen een Oscarwinnende documentaire oplevert.


Aangaande de materie zelf en de tactieken die NSA in gelijksoortige organisaties tot hun beschikking hebben, moet je concluderen dat het vrij angstaanjagend is. Elke e-mail, elk telefoontje, elk document en elke foto is beschikbaar voor de NSA en is ergens op een server opgeslagen. Naarmate meer digitaal wordt, neemt de macht van dit soort instanties toe. Herinner je je Lucian Fox uit The Dark Knight nog, die op een gegeven moment alle mobieltjes in Gotham City omtovert tot een grote afluistermachine? Het blijkt geen science fiction. De NSA kan dat ook. Met jouw iPhone. 

Ik was in de veronderstelling dat wanneer je verder niets te verbergen hebt het ook weinig uitmaakt dat overheidsinstellingen mijn gegevens kunnen inzien, maar wellicht is dat te naïef gedacht. De documentaire komt met twee argumenten - beiden een beetje tussen neus en lippen door - waarom ik me hier wél zorgen om moet maken.


Ten eerste claimt Jacob Applebaum (ex-hacker, activist, journalist) op een conferentie dat privacy tegenwoordig gelijk staat aan vrijheid. Vrijheid in Nederland is eigenlijk alleen nog maar de vrijheid van meningsuiting. Alle andere vrijheden denken we al niet meer over na omdat ze sinds de Tweede Wereldoorlog in het stelsel ingebakken zitten. Applebaum doet op het eerste gezicht wellicht een vreemde uitspraak, maar privacy garandeert bijvoorbeeld dat je een bijeenkomst of protest kunt organiseren zonder dat de overheid of wie dan ook zich daarmee bemoeit. Simpelweg omdat ze er geen weet van hebben.

Dat brengt me bij punt twee, hetgeen in het verlengde ligt. Momenteel is de politieke situatie in Nederland vrij tolerant, zou je kunnen zeggen, maar de geschiedenis leert ons dat ook in ontwikkelde landen een maligne overheid kan ontstaan. Een nieuwe economische crisis (een terugkerend zekerheidje sinds de achttiende eeuw) in combinatie met Wilders 2.0 zou tot een waar schrikbewind kunnen leiden. Een Vierde Rijk zal niet worden gesticht - tegen die tijd is het leger wel zo'n beetje wegbezuinigd - maar op het moment dat onze nieuwe blonde vriend een systeem zoals dat van de NSA in handen heeft en de AIVD stopt met hun oude laptops bij het grof vuil te zetten, kan het wel eens heel lastig worden hem van de troon te stoten. Verzet wordt dan in de digitale kiem gesmoord. Vrijheden die we voor lief namen, kunnen wel eens in rap tempo verdwijnen.

Ik schets hier á la Snowden een beetje een doemscenario, maar in andere landen (China) is deze situatie simpelweg de realiteit. Censuur en onderdrukking is met grootschalige opslag van data een peulenschil. De klokkenluider lijkt dit beter te beseffen dan wie dan ook en is bereid zijn eigen vrijheid op te geven om dit gegeven aan de man te brengen. 

10-06-2015

Bears



Na Chimpanzees komt Disney Nature nu met een nieuwe diersoort en een tevens inspirerende titel: Bears. Disney houdt vast aan het originele concept, waardoor Bears aan dezelfde kwaaltjes lijdt als Chimpanzees.


Het originele concept komt er eigenlijk op neer dat Disney middels natuurbeelden, naamgeving en suggestieve muziek probeert een narratief te vertellen over een diersoort. Beren dus. Het lijkt met name gericht op kinderen van een jaar of tien, wellicht iets jonger, al worden er zalmen levend verscheurd.

De natuurbeelden zijn van een niveau dat tegenwoordig standaard is, wat niet wil zeggen dat ze niet indrukwekkend zijn. Integendeel, ik kan echt uren kijken naar die prachtige super slow motion beelden, zeker op het grote scherm. Bears doet niet onder voor een random BBC natuurdocumentaire. Ik ben nog niet uitgekeken op dieren die zich uitschudden in de stralende zon. 


Naamgeving dan, een beproefd concept. Geef de dieren een naam en achtergrondverhaal en het publiek leeft meteen mee met de schattige, fluffy berenwelpen. Ditmaal zijn moeder Sky, zoon Scout en dochter Amber permanent in levensgevaar en dreigen ze te verhongeren. Als we tenminste Thomas Acda mogen geloven die de voice-over verzorgt. Net iets te vaak wordt erop gehamerd dat er 'nu echt brood op de plank moet komen', anders zou het allemaal wel eens verkeerd af kunnen lopen. Aan de muziek merk je pas echt dat je te oud bent voor dit soort films. Onder elke scène zit een track die je in de juiste stemming moet brengen, van onheilspellende drums wanneer antagonist Chinook aanvalt tot frivole violen wanneer de welpen aan het spelen zijn.

De grote afwezige in dit geheel is informatie, leuke weetjes, spectaculaire achtervolgingen en een verklaring waarom wat gebeurt. Eigenlijk de reden dat ik natuurdocumentaires zo interessant vind, want dieren en de natuur hebben vaak ingenieuze oplossingen en overlevingsstrategieen. In plaats van bereninformatie waarmee ik de blits kan maken op een zitfeestje, weet ik nu dat Alaska in ieder geval een paar bruine beren rijker is en dat doet mij weinig deugd.