11-07-2014

300: Rise of an Empire

★★★

Toen Zack Snyder in 2006 300 maakte, waren de visuele effecten en de roodsaturatie de meest opvallende kenmerken. Mensen in slow motion in mootjes hakken werd tot kunst verheven. Nu neemt Noam Murro het stokje van Snyder over in 300: Rise of an Empire.



De nieuwste 300 speelt zich voornamelijk op zee af. Terwijl Xerxes en zijn leger het in the Hot Gates opneemt tegen Leonidas vaart de opperbevelhebber van de marine, Artemisia, uit om Griekenland vanaf de Egeïsche zee aan te vallen. Daar stuit ze op Themistokles, de held van Marathon en commandant van de vloot van de Grieken, die 10 jaar eerder de eerste Perzische invasie al had afgeslagen en de Perzische koning Darius I doodde.

In het eerste half uur geeft 300: Rise of an Empire enige achtergrondinformatie. Zo komt het ontstaan van de bizarre Xerxes aan bod, evenals het verleden van Artemisia en Themistokles. Themistokles blijkt een briljant strateeg, eloquent diplomaat en krachtige strijder. Acteur Sullivan Stapleton vertolkt zonder veel moeite de Griekse held en is nergens ongeloofwaardig.



Dat kan helaas van Artemisia, gespeeld door Eva Green, niet worden gezegd. Ze kijkt constant ongemakkelijk, alsof het ergens jeukt. Toppunt is een bizarre seksscène op haar schip terwijl oorlogsmuziek met roffelende drums en hysterische strijkers klinkt, gemaakt door Junkie XL. De muziek is totaal misplaatst, net als de hele scène trouwens, maar de twee grootste pluspunten van Eva Green moesten natuurlijk wel in de film voorkomen.

Gelukkig maakt de actie veel goed. Heel veel. De verwachtingen na 300 lagen hoog, maar regisseur Noam Murra bewijst oog te hebben voor stijlvolle gevechten en strakke choreografie. De gevechten zijn gelikt, bloederig en weer heerlijk overdreven. Slow motion shots worden afgewisseld met lange shots waarin krijgers in real time vele slachtoffers maken. De actiescènes behelzen man-op-man gevechten, maar ook veldslagen op zee en zijn zodoende veelzijdig, afwisselend en een genot voor het oog.



Tevens valt op dat 300: Rise of an Empire een grauwer kleurenpalet gebruikt dan haar voorganger. Het bloed is minder rood, de kleuren minder gesatureerd. Wel zijn de schrale oneliners weer van de partij. Mijn persoonlijke favoriet is deze, een citaat dat weer slaat op die rare seksscène: "You fight much harder than you fuck." Daar wilde ik het graag bij laten.




08-07-2014

Noah

★★★★

Regisseur Darren Aronofsky wijkt met zijn Noah behoorlijk af van de meer gangbare Noachverhalen, de verhalen die ik in de kinderbijbel en later in de grote-mensen-bijbel las. De film is er echter niet minder om geworden.



Het verhaal Noach en zijn ark zal bekend zijn. God, in Noah steevast 'The Creator' genoemd, wil de afstammelingen van Kaïn straffen en laat ze allemaal verzuipen in de zondvloed. Echter gebeurt dit niet voordat Hij Noach middels visioenen heeft ingelicht over het einde der tijden, zodat Noach zichzelf, zijn familie en het dierenrijk kan redden.

Het probleem met de ark is een beetje hetzelfde als met Stonehenge. Hoe maken ze dat? Genesis 5 tot 9 - ik heb het even nagelezen - vermeldt geen rollende boomstammen, slaven, gereedschap of iets waardoor een ark maken mogelijk zou zijn, maar vermeldt wel de afmetingen: 125 x 23 x 14 meter. Da's behoorlijk wat werk, voor slechts één gezin.



Aronofsky zit dus niet alleen met het probleem van het vertellen van een bijbels verhaal dat interessant moet zijn voor zowel christenen als mainstream publiek, hij moet ook een paar kunstgrepen toepassen om de film enigszins interessant en geloofwaardig te laten zijn. Anders zie je alleen een wraakzuchtige, geagiteerde God, Noach die een ark bouwt en de zondvloed. Er gebeurt dus meer.

De regisseur lost veel problemen die je vooraf zou verwachten goed op. Hij gebruikt daarvoor onder andere het boek van Enoch, een oud geschrift dat niet in de Bijbel is opgenomen. Enoch was Noachs overgrootvader (Gen 5:19) en zijn boek vermeldt onder andere gevallen engelen die The Watchers worden genoemd en versmelten met de grond en stenen tijdens hun val. Aronofsky beeldt deze af als golems of giganten en geeft ze een plausibel achtergrondverhaal.



Ook Noach en zijn familie krijgen wat karakter mee naast de bijbelse vroomheid en rechtvaardigheid. Russell Crowe levert een subtiele, indrukwekkende Noach af, een man die de hoop van de wereld is, maar de druk nauwelijks aankan. Naar het einde toe belichaamt Noach een zeker fanatisme, waardoor hij niet alleen de film spannend houdt, maar wellicht ook Aronofsky's kritiek op religie verwoordt.

Naast Noach zien we zijn vrouw Naameh, vertolkt door Jennifer Connelly die al eerder in A Beautiful Mind met Crowe getrouwd was. Connelly speelt soms wat overdreven en is niet op haar best, waardoor een van de meest tragische scènes uit Noah niet zo sterk overkomt als de bedoeling was. Veel beter is Emma Watson als Ila, de vrouw van Noachs zoon Shem - gespeeld door Douglas Booth die niet kan acteren.



De cast wordt nog aangevuld met Anthony Hopkins als Methusalem - Noachs grootvader - die de komische noot verzorgt met zijn eeuwenlange zoektocht naar bessen en door Ray Winstone die Tubal-Cain speelt, de directe nazaat van Kaïn. Hij belicht de humanistische kant van het verhaal, gelooft in de zelfredzaamheid van de mens en het recht van de sterkste.

Noah kan op velerlei manieren worden bekeken. Een ode aan het christendom, kritiek op religie, een uiting van fanatisme, een klimatologische boodschap (Aronofsky noemde Noach een 'environmentalist'), een poging creatie en evolutie te rijmen of simpelweg een moderne hervertelling van een eeuwenoud verhaal. De film herbergt naar mijn mening veel van deze standpunten en is daarnaast nog spannend ook, hetgeen vooral te danken is aan de fijne rol die Crowe neer zet.

07-07-2014

Transcendence

★★

Een terreurgroep gericht tegen pioniers op het gebied van artificiële intelligente pleegt een grootschalige aanslag waarbij vele doden en gewonden vallen. Een van die gewonden is Dr. Will Caster, een specialist op het gebied van AI. Hij zal weldra ook tot de doden behoren. De kogel waarmee hij is geraakt blijkt radioactief en Will heeft slechts een maand te leven.



Toevalligerwijs is een half jaar voor de aanslag een professor erin geslaagd het bewustzijn van een rhesusaapje te uploaden naar een computer. Via draadjes en elektroden. We moeten maar even aannemen dat dat mogelijk is. Will wil nog niet dood en besluit samen met zijn echtgenote Evelyn om ook zijn bewustzijn te uploaden naar een zeer geavanceerde computer. Het experiment slaagt, Will sterft fysiek, maar zijn bewustzijn leeft digitaal voort.

Het is prettig om Johnny Depp in de serieuze rol van Dr. Will Caster te zien. Je zou haast vergeten dat-ie dat ook kan, na al die karikaturen (piraten, indianen, sprookjesfiguren) die hij de afgelopen jaren speelde. Caster zelf is echter een wat flets personage zonder veel diepgang. Doorzichtige wateren, ondiepe gronden. Veelzijdiger is Evelyn - gespeeld door Rebecca Hall - de vrouw van Will en het levende ethische dilemma. Ze wil haar man in digitale vorm behouden, maar kan ook niet ontkennen dat de digitale Will niet alles is wat ze had gehoopt. Wellicht is het bewustzijn niet in een computer te vangen. Collegae en vrienden Max (Paul Bettany) en Joseph (Morgan Freeman) vervullen de ondankbare taak van onvermurwbare goeieriken, zonder al teveel succes. Dat ligt overigens niet aan hen, maar aan de slecht geschreven personages.



Het duurt niet lang voordat het bewustzijn van Will groteske vormen begint aan te nemen. Hij wil meer vermogen, meer rekenkracht, meer invloed. Evelyn moet dat regelen. Een computerbrein bestuurd door een menselijk bewustzijn heeft haast ongelimiteerde mogelijkheden. Will poogt ze allemaal te benutten. Ten koste van veel. Met name ten koste van de film zelf, die begint als sci-fi thriller en eindigt als warrig metafysisch drama.

Jack Paglan, de schrijver van Transcendence, lijkt geen idee te hebben waar technologie ophoudt en fantasie begint. Dat je een bewustzijn, volgens de film bestaande uit louter elektrische signalen, kunt uploaden wil ik best geloven. Je moet de film een kans geven, niet? Er wordt vervolgens een klein dorpje omgebouwd tot high tech facility met honderden zonnepanelen om Will's server te huisvesten - een proces dat jaren in beslag neemt - en niemand die er iets aan doet of van zegt. Eigenaardig, op z'n minst. Wanneer echter vervolgens nano-technologie haar opwachting maakt en Will als een soort God zonder netwerkmogelijkheden van alles en nog wat kan besturen, regenereren en laten ontploffen, is het einde echt zoek en wordt het script lachwekkend.



Wally Pfister, de vaste director of photography van Christopher Nolan, levert zoals verwacht een film af met mooie shots, fraaie effecten en strakke cameravoering. Transcendence ziet er top uit. Het vernuft, noem het de ziel, hetgeen Nolans films kenmerkt, ontbreekt echter. Transcendence is geen Inception of The Dark Knight. Het komt niet eens in de buurt.

Het is vooral jammer dat de potentieel interessante mix tussen technologie en mind-bodyproblematiek niet zorgvuldiger wordt behandeld, maar wordt overgoten met een overdreven, humorloos sci-fisausje waarin mensen nog net niet kunnen teleporteren of tijdreizen.

19-05-2014

47 Ronin

★

In 47 Ronin, een remake van een Japanse klassieker uit 1941, neemt regisseur Carl Rinsch een gewaagde beslissing door fantasy te combineren met Japanse historie. Het concept pakt aardig uit, maar de film kent helaas genoeg andere problemen.



Door een gemeen plot van antagonist Lord Kira, legt Lord Asano het loodje en komen zijn samoerai zonder meester te zitten, waardoor ze de schandelijke titel 'ronin' opgespeld krijgen. Terwijl Kira bezit neemt van Asano's dochter en zijn landerijen, zinnen de ronin op wraak. Aangevoerd door half-breed Kai (Keanu Reeves), een kruising tussen demon en mens, zullen de ronin orde op zaken stellen, waarbij menig gevecht niet wordt vermeden.

47 Ronin situeert een hoop fantasyfiguren in het oude, feodale Japan waarin buitenlanders niet welkom zijn. Magische eilanden vormen de thuisbasis voor heksen, demonen, samoerai en Keanu Reeves, de enige Hollywoodacteur in een verder uitsluitend Japanse cast. Zoals wel vaker voegt Keanu Reeves niets toe en teert hij op zijn Matrix successen. Het is maar goed dat de Japanners er zijn. Met name Rinko Kikuchi, de evil witch in het stuk, speelt verleidelijk en verfrissend.

Het valt op dat er flink veel aandacht is besteed aan visuele details. De CGI is van hoog niveau, de kostuums en sets stralen authenticiteit uit en de sfeer zit er lekker in. Zelfs de komst van demonen en heksen wordt heel aardig verwerkt in de film, die naar schatting 200 miljoen dollar heeft gekost. Dat is erg veel, zeker toen bleek dat bijna niemand naar de film ging.



Grootste probleem van 47 Ronin is echter de totale ongeloofwaardigheid. Zelfs als je bereid bent de fantasy op de koop toe te nemen - en ik ben de beroerdste niet, in dat opzicht - laat het script bijzonder veel te wensen over. Er wordt nauwelijks aandacht besteed aan de karaktereigenschappen van Kai of de andere Ronin. In het geval van Keanu Reeves valt dat wel te begrijpen, want meer dan 1 karaktereigenschap kan hij niet uitdrukken, maar kijk je naar de Japanse cast dan had daar echt wel meer in gezeten.

Hetzelfde geldt voor het plot, dat zo slecht nog niet is, maar beroerd wordt verfilmd. Sommige stukken, zoals de ontsnapping van Kai uit een piratenkamp, zijn veel te gehaast, terwijl andere gedeeltes langdradig aanvoelen. De ronin maken allerlei oninteressante uitstapjes naar Kai's opvoeders - een soort rare reptielgezichten, om er maar een scheldwoord van Giphart doorheen te gooien - en naar afgelegen dorpjes voor wapens. Uiteindelijk blijft een kwartiertje over voor de daadwerkelijke wraak en de dramatische ontknoping, maar de kans dat de film je dan nog iets interesseert is ongeveer 1 op 47.

19-02-2014

Oldboy

★★★

Wraak in een Amerikaans jasje haalt het niet bij wraakzuchtige Koreaanse kunststukjes. De remake van Oldeuboi is dan ook niet zo'n succes.



Een man (Josh Brolin) wordt gekidnapt en twintig jaar lang opgesloten in een motelkamer. Hij krijgt dagelijks een portie dumplings, een flesje wodka, op maat gemaakte TV-shows en de mogelijkheid brieven aan zijn dochter (Elisabeth Olsen) te schrijven. Na twintig jaar wordt hij opeens wakker in een kist in een weiland, gekleed in zwart pak met in de binnenzakken een iPhone en een zwarte zonnebril. De ultieme revenge movie kan beginnen.

Nouja, de ultieme revenge movie? Deze titel kan je toedichten aan het Koreaanse meesterwerk Oldeuboi uit 2003 waarop deze film is gebaseerd. In die film vervaagt de grens tussen prota- en antagonisten waardoor je als kijker steeds minder goed weet wie je nou moet aanmoedigen hun queeste te voltooien - een techniek die Koreanen goed beheersen. Kijk maar eens naar I Saw The Devil. Spike Lee beheerst dit minder, tot niet. Dus dan maar een schaamteloze remake.



Oldboy is op enkele scènes na een kopie van het origineel. Het plot wordt op exact dezelfde wijze afgewikkeld, maar ook de scène dat Joe tientallen kerels de baas is in een lange gang en de martelscène met zijn gijzelnemer zijn overgenomen van het origineel. Op kleine punten brengt regisseur Spike Lee veranderingen aan, maar om nou te zeggen dat hij het over een hele andere boeg gooit, nee.

De film op zich is niet slecht, alleen is het origineel zoveel malen beter. De hoofdpersoon is gemener, de sfeer rauwer, het plot nog nieuw en indrukwekkend en de suspense groter. Bij Oldeuboi zit je tot aan de allerlaatste scène op het puntje van je stoel. Oldboy is voorspelbaarder, vrij grof en erg stilistisch gefilmd, maar laakt de sfeer en spanning van het origineel.

13-02-2014

Thor: The Dark World

★★

Thor is terug, de mensheid bestaat nog - helaas in dit geval, want dat betekent dat Jane Foster nog leeft - en voor de tweede maal op rij wordt het universum bedreigd door donkere elven met lasergeweren. 



Terwijl Jane Foster met liefdesverdriet is achtergebleven op Aarde, stelt Thor met zijn hamer Mjöllnir orde op zaken in het universum. Hup Thor, hup Mjöllnir! Mythologische locaties zoals Valaheim en Svartalfheim worden kortstondig aangedaan. Locaties die interessant zijn en die we willen zien. Thor verslaat er bijvoorbeeld een stenen golem, waarna het vijandelijke leger zich overgeeft. Zodoende is de orde op die wereld hersteld. Het is allemaal niet zo ingewikkeld. Dat komt later pas.

Ondertussen is Malecith, een dark elf, bezig met snode plannen. Hij valt Asgard binnen en dreigt met een wapen dat het hele universum kan vernietigen. Uiteraard kan dat slechts op één moment, en wel het moment dat alle planeten in één rechte lijn staan en worden verbonden door portalen. Of zwarte gaten. Of zoiets. Reizen van de ene naar de andere wereld is mogelijk in een ogenblik, het overstijgt zelfs de 'beam me down, Heimdall' methode waarop Thor normaal gesproken wordt geïntroduceerd. Dit plotelement maakt de zaken al wat complexer, met name omdat het allemaal vrij karig is uitgewerkt.

Het plot wordt problematischer wanneer Jane uit het niets naar een soort buitenaards massavernietigingswapen wordt geteleporteerd en rode materie haar lichaam overneemt. Verklaringen worden niet gegeven, maar het stelt Jane in staat nu ook eens met haar krachten te smijten. Vervolgens haalt Thor haar naar Asgard en dan begint de ellende pas echt. Malecith wordt namelijk ook aangetrokken tot de rode materie en een buitenaardse driehoeksrelatie begint gestalte te krijgen.



Het leukste aan Thor: The Dark World is Thor zelf, hoewel Loki ook zeker z'n charme heeft. Dat is op zich gunstig, ware het niet dat er nog zoveel andere personages op Aarde (saai!) rondlopen die minder interessant zijn. Net als in het vorige deel voegen Erik Selvig, Jane Foster, haar intern en diens intern te weinig toe. Iedere man zou bovendien Sif (Hup Sif!) verkiezen boven Jane Foster, een personage dat Natalie Portman maar niet tot leven kan laten komen.

Het plot in deze Thor sequel is nodeloos complex. Thor en Malecith vliegen in het slotgevecht door talloze werelden, niemand weet waarom Jane en Erik opeens zwaartekrachtvelden kunnen bedienen en de schijtlollige oneliners zorgen ervoor dat je de film niet meer serieus kan nemen. Dat is overigens sowieso lastig omdat de film grotendeels bestaat uit hypergeavanceerde dark elves met lasergeweren die vechten tegen Goden in middeleeuwse uitrusting.

05-02-2014

The Counselor

★★

Een sterrencast, gerenommeerde regisseur en een groot schrijver maken The Counselor, een onnavolgbare film waarbij alles lijkt te draaien om vrouwen en een truck met stront. 



Michael Fassbender is de titulaire hoofdrolspeler, steevast ook 'counselor' genoemd. Hij heeft z'n zaakjes in orde, een leuke vriendin (Penélope Cruz) en geld zat, als je tenminste kijkt naar z'n appartement en auto. Maar het is allemaal niet genoeg. De counselor wil zijn vriendin middels een enorme diamanten ring ten huwelijk vragen. Om die ring te betalen gaat hij aan de slag als drugssmokkelaar.

De gevestigde criminelen bij wie de counselor aanklopt zijn Reiner (Javier Bardem) en Westray (Brad Pitt). Reiner is een rare snuiter, lijkt standaard high te zijn, komt heel nonchalant over en rakelt de meest vreemde, doch lachwekkende anekdotes op. Westray pakt het serieuzer aan en claimt elk moment uit de business te kunnen stappen om te rentenieren in een klooster.



Ik kan meer vertellen over de personages, zoals Cameron Diaz die een wel heel overduidelijke femme fatale neerzet, of Bruno Ganz die als juwelier in Amsterdam een bijrol heeft, maar daar schiet niemand wat mee op. Het plot is namelijk onbegrijpelijk. Gewoon niet te vatten. De hand, of beter gezegd, de pen van Cormac McCartney is alleen terug te vinden in enkele goed geschreven scènes, maar aan het plot valt geen touw vast te knopen.

Het gevolg is dat de sterrencast je al vrij snel koud laat. Betwijfel je het eerste uur nog je eigen verstandelijke vermogens en poog je de rode draad te vinden in deze film, tijdens het tweede uur moet je concluderen dat deze simpelweg ontbreekt. Plotgaten tot en met, een overschot aan overbodige personages en twee jachtluipaarden die te pas en te onpas als beeldvulling worden gebruikt. Ze zullen wel wat gekost hebben, die beesten, dus neemt Ridley Scott ze veelvuldig in beeld.

Wanneer je hebt geaccepteerd dat het verhaal in deze film niet te volgen is, valt er nog wel wat te genieten. Zoals van semi-filosofische anekdotes of theorieën over verschillende werelden, verpakt in mooie, eloquente Engelse zinnen die slechts kunnen ontspringen uit de geest van een briljant schrijver. Zelfs de Mexicaanse barkeeper houdt er interessante gedachten op na over de betekenisloosheid van de dood. Maar dit alles kan natuurlijk nooit compenseren voor het feit dat The Counselor een mislukte literaire misdaadthriller is.

03-02-2014

Ender's Game

★★★

In de verre toekomst is de Aarde vijftig jaar geleden aangevallen door een buitenaards ras. De zogenaamde Formics, een kudde opgevoerde mieren, werden ternauwernood verjaagd door één man: Mazor Rackham. Nu vormen de Formics opnieuw een bedreiging en brengen ze een leger op de been. Tijd voor een nieuwe held.



Net als in Paul Verhoevens Starship Troopers voert Ender's Game een logica aan die nauwelijks te volgen valt. Neem deze zin: 'The purpose of this war is to avoid all future wars.' Juist, dus daarom reist de mensheid met een enorme ruimtevloot af naar de thuisplaneet van de Formics en geven ze de leiding van het leger aan een kind van een jaar of vijftien: Ender.

Het idee van kinderen oorlog laten voeren is een ver doorgetrokken idee van iets dat nu al bestaat. Ik heb het niet over kindsoldaten, maar over kinderen die ingewikkelde strategiespellen spelen en daarin beter zijn dan volwassenen. Er bestaat zoiets als een WK Gamen en daar winnen kinderen en Koreanen alle onmogelijke strategiespelletjes, zoals Starcraft. Dat is niet omdat volwassenen geen tijd hebben voor computerspelletjes, maar omdat kinderen een hoger reactievermogen hebben, sneller handelen en vaak volwassenen te slim af zijn. Dit gegeven gebruikt Ender's Game als argument om kinderen complete legers te laten aanvoeren.

Wat bij Starcraft niet uitmaakt, maar in het echt wel, is het doel van een oorlog. 'the purpose of war', dus. Oorlog moet gerechtvaardigd zijn, maar kinderen weten of snappen dat (nog) niet. Volwassenen wellicht ook niet, maar dat is een andere discussie. Een oorlog voeren om een hypothetische oorlog te voorkomen is geen gerechtvaardigde oorlog. Omdat kinderen weliswaar het leger aanvoeren, maar moreel niet verantwoordelijk zijn voor hun daden, zijn ze de ideale commandanten: mensjes zonder compassie, empathie of medelijden. In theorie briljante strategen, in werkelijkheid efficiënte massamoordenaars.

Dit hele concept werkt Ender's Game aardig uit, vooral omdat hoofdpersoon Ender (Asa Butterfield) wel al lichte sporen van een geweten vertoont en zelf al het onderscheid tussen een spelletje en de realiteit door krijgt. Ender is niet alleen tactisch zeer begaafd, ook is hij pienter en denkt hij na over de motieven van de Formics. Zijn ze daadwerkelijk zo slecht als kolonel Graff (Harrison Ford) hem doet laten geloven, of is er meer aan de hand?



Een ander sterk punt een Ender's Game zijn de acteurs. De meerderheid van de cast is niet volwassen - Harrison Ford compenseert - maar aan de acteerprestaties is dat niet af te lezen. Asa Butterfield (Hugo, The Boy in the Striped Pyjama's) heeft heel wat in zijn mars en ook tegenspeelster Hailee Steinfeld (True Grit) valt niet tegen.

Minder overtuigend is het plot, dat niet alleen gaten heeft, maar ook haastig wordt afgewerkt. Binnen een dag promoveert Ender van launchie naar cadet. Nog geen twee dagen later is hij commandant en twee weken daarna aanvoerder der strijdkrachten. Een aardige carrière, maar volstrekt ongeloofwaardig. Bovendien zijn de redenen onduidelijk waarom de hoop van de mensheid wordt gevestigd op Ender. Ja, hij wint de spelletjes in de arena en heeft veel tactisch inzicht, maar ook heeft hij de nodige psychologische problemen. Met de vloot van de vijand in aantocht en krap een maand te gaan lijkt het geloof in Ender meer een wanhoopsdaad dan een rationele beslissing.


21-01-2014

The Chronicles of Riddick: Dead Man Stalking

★★

Vin Diesels oeuvre, als je bij Vin Diesel van zoiets mag spreken, bestaat voor het grootste deel uit twee langlopende reeksen: The Fast and the Furious en The Chronicles of Riddick. Van die laatste reeks kwam onlangs het derde deel uit genaamd The Chronicles of Riddick: Dead Man Stalking.



De reeks van Riddick begon met de film Pitch Black, waarin Diesel Richard B. Riddick speelt, een vechtlustige Furian die op zoek is naar zijn thuisplaneet Furya. Hij is de laatste van zijn soort, de locatie van de planeet slechts bij enkelen bekend en alle data betreffende de planeet is uit de archieven gewist. Furians hebben aangeboren nachtvisie, waardoor ze rare ogen hebben en overdag een soort fancy zonnebril moeten dragen. Verder lijken ze op mensen die de hele dag in de sportschool zitten.

De charme van Pitch Black was het feit dat het een survivalmovie was die zich op een vreemde planeet afspeelt. Riddick zit gevangen en zowel Riddick als zijn bewakers weten niet waar ze zijn, maar al snel komen ze in aanraking met allerlei vreemde wezens. De planeten waarop Riddick zich bevindt zijn meestal de thuisbasis van de vreemdste creaties die niets liever willen dan de indringers vermorzelen. Daarnaast kende Pitch Black een originele filmstijl waarin creatief gebruik wordt gemaakt van kleuren en lichtinval.

Riddicks tweede film was een stuk grootschaliger. Zogenaamde necromongers starten een invasie op de planeet waarop Riddick op dat moment toevallig is. Van de charme van het origineel was weinig terug te vinden en Riddick die het uitvecht tegen een ander buitenaards ras bleek niet zo'n succes. Het is daarom niet vreemd dat Dead Man Stalking terugkeert naar de roots van de reeks en Riddick wederom plaatst op een verlaten planeet met als voornaamste vijand de vreemde beesten die daar leven.



In vrijwel alle opzichten is Dead Man Stalking gelijk aan Pitch Black. Het grootste verschil is dat de moordlustige beesten in Pitch Black alleen in het donker verschenen en bij Dead Man Stalking fungeert de regen als de voorspeller van onheil. De vijandige beesten zijn namelijk een soort amfibieën die het beste gedijen in een vochtige omgeving. Ook de filmstijl, met vele tinten okergeel, maakt zijn rentree, na even weggeweest te zijn in deel twee.

Wat Dead Man Stalking echter niet weet te reproduceren is de charme van Pitch Black. De originaliteit is er natuurlijk wel af, Vin Diesel is nog altijd even zwijgzaam en oninteressant, de ondersteunende cast bestaat uit zeer matige acteurs en de spanning in de film is ver te zoeken. Regen is nu eenmaal niet zo angstaanjagend als duisternis. Daar verandert die gigantische onweersbui in de verte helemaal niks aan.

The Wolf Of Wall Street

★★★★

Leo doet The Great Gatsby nog eens dunnetjes over, maar dan met een goede regisseur en zonder hiphop. Het resultaat is briljant, al had het wel een half uurtje korter gemogen.



Dat Martin Scorsese en Leonardo DiCaprio elkaar goed liggen is onderhand bekend. Sinds Gangs of New York is Leo Scorsese's muze en maken ze de ene na de andere topfilm. The Wolf of Wall Street is geen uitzondering. Het is misschien wel de beste film van de twee tot nu toe, want Leo is helemaal in zijn element als drugsverslaafde beurshandelaar Jordan Belfort die geen idee heeft wat hij met zijn geld moet. Hij wordt daarnaast bijgestaan door een wederom komische Jonah Hill, die zijn beste maatje Donnie speelt en exemplarisch is voor de lege en immorele wereld van de beurs in de jaren '80.

De film is gebaseerd op Belforts biografie en net als Gordon Gekko werd Belfort een begrip in beursland én zat hij een paar jaar in de bak voor fraude en andere criminele activiteiten. The Wolf of Wall Street valt echter niet te vergelijken met Wall Street, waarin Michael Douglas de rol van Gordon Gekko op zich neemt. Wall Street heeft een serieuze ondertoon, maar de wolf van Scorsese zet in op puur vermaak.



Belfort begint als een ambitieuze beurshandelaar en start onderaan de ladder in een enorm bedrijf. Tijdens dag één legt zijn afdelingshoofd (Matthew McConaughey) hem uit dat niemand weet wat de beurs gaat doen en dat alles gebakken lucht is. Het enige dat reëel is, is de commissie die de beurshandelaren opstrijken bij elke transactie. Belfort specialiseert zich dan ook niet in de beurs, maar perfectioneert zijn verkooptechnieken.

Er is een scène waarbij DiCaprio schittert als Belfort die een telefonische sale doet met een man die al aan de grond zit, maar vervolgens alsnog $10.000 investeert in een bedrijf waarvan Belfort net 3 minuten weet dat het überhaupt bestaat. Het mooie aan The Wolf of Wall Street is dat je vervolgens geen medelijden hebt met de man aan de telefoon, maar je waardering krijgt voor Jordan Belfort. Hierin ligt een groot deel van de kracht van de film, want Leonardo DiCaprio - hij doet tevens de voice-over - is als geen ander in staat om arrogant, immoreel, belachelijk rijk én aimabel te zijn.



Geld maakt niet gelukkig en teveel geld drijft mensen tot waanzin. Je ziet het bij (jonge) supersterren, je ziet het bij Belfort. Al snel is The Wolf of Wall Street een richtingsloze orgie waarin iedereen drugs gebruikt, feest viert, geld schept en alle connectie met de realiteit is verloren. Scorsese brengt het stijlvol en zonder opsmuk in beeld en hanteert een gelikte filmstijl die helemaal bij het beurswereldje past.

Belfort is immoreel, gaat vreemd bij de vleet, is de helft van de tijd high en zit de andere helft van de tijd aan de quaaludes, een volgens Belfort niet meer te verkrijgen drug. En dat is maar goed ook, als je ziet wat Belfort allemaal uitspookt. Het levert een rits aan hilarische situaties op, bijvoorbeeld wanneer hij een overdosis neemt. DiCaprio ziet er soms zo belabberd en fucked up uit dat je hem bij vlagen nauwelijks herkent.

Enige nadeel is dat de film 3 uur duurt en dat je na 2,5 uur drugs het wel een beetje gezien hebt. De film blijft onverminderd grappig, maar na een tijdje is het wel welletjes. Het laatste gedeelte van de film probeert DiCaprio de FBI te ontwijken en zijn geld veilig te stellen, maar als je dat soort dingen leuk vindt kan je beter Catch Me If You Can kijken.